Eénprocentsregeling - Percentageregeling

 

De percentageregeling voor beeldende kunst is een Nederlandse regeling die inhoudt dat bij nieuwbouw, verbouw of koop van rijksgebouwen door of in opdracht van de Rijksgebouwendienst, kunst zal worden toegepast. De regeling wordt toegepast indien de totale bouwkosten groter zijn dan € 1.000.000,-.
Gemeenten en provincies kennen vaak vergelijkbare regelingen ter bevordering van de kunst in of bij hun gebouwen.

In 1951 werd op initiatief van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen de kern van de huidige percentageregeling voor gebouwen in beheer van de Rijksgebouwendienst vastgesteld.
Voor de decoratieve aankleding van belangrijke, representatieve gebouwen werd voortaan 1,5 % van de nieuwbouwsom gereserveerd.
De Rijksoverheid preciseerde en actualiseerde de regeling voor de eerste keer in 1963 via de officiële brochure Decoratieve aankleding van rijksgebouwen en scholen (uitgave ministerie van OK&W).
In 1974 werd door de Raad van Cultuur voor de minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM) het Rapport van de studiecommissie Percentageregelingen opgesteld.
Als vervolg daarop werd door de minister de Werkgroep Beeldende Kunst Rijksgebouwen in het leven geroepen (Commissie Gruijters), die in 1977 de Nota Kunst bij Rijksgebouwen presenteerde.
De toepassing van de Rijksregeling werd daarmee verbreed. Deze opzet van de Rijksregeling is tot op heden min of meer ongewijzigd in stand gebleven. De uitwerking van de Percentageregeling is het meest recent in 2009 beschreven in het handboek Percentageregeling beeldende kunst versie 1.1.
Het percentage staat niet meer vast op 1 of 1,5%, maar is gekoppeld aan de omvang van de bouwsom.
Ter gelegenheid van het 60-jarig bestaan van de percentageregeling is het resultaat (ruim 2500 kunstwerken) vastgelegd in het boek In Opdracht. (wikipedia)

 

 

Stichting A.D. van Eckfonds

 

A.D. van Eck

Van Eck was architect en adjunct-directeur van gemeentewerken in Beverwijk.
Van 1932 tot 1964 was hij hoofd van de Bouwkundige Afdeling van de Directie Wieringermeer en vervolgens RIJP en ZIJP.
Hij werd later directeur van de Dienst Wederopbouw.

In 1952 ontving de Noordoostpolder als eerste kunstwerk vier stenen leeuwen.
In 1953 volgden De Drie Muzen van kunstenaar Jan Bons op het nieuwe gebouw van theater ‘t Voorhuys.
Dit werd mogelijk gemaakt door de zogenaamde eenprocentsregeling van het Rijk.
Via deze regeling zijn in de periode daarna kunstwerken gerealiseerd die veelal bestonden uit glas-in-loodramen in kerken of reliëfs op scholen, kerken en andere openbare gebouwen.

 

 

 

 

Afscheid van de heer A.D. van Eck, hoofd van de bouwkundige afdeling Rijksdienst IJsselmeerpolders. 1-12-1964.In 1964 werd de Stichting A.D. van Eckfonds opgericht met als doel het bijdragen tot de verfraaiing en verrijking van het uiterlijk aanzien van de Noordoostpolder.
Met het in het leven roepen van deze stichting heeft de gemeente haar erkentelijkheid willen uitdrukken voor hetgeen het toenmalige hoofd van de bouwkundige hoofdafdeling van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders, de heer A.D. van Eck, in de gemeente Noordoostpolder tot stand heeft gebracht.
De Stichting A.D. van Eckfonds verwierf 82 beelden;
in 2012 is de collectie overgedragen aan gemeente Noordoostpolder.
Het totaal aantal kunstwerken is groter vanwege particuliere schenkingen, aanschaf door (dorps)verenigingen of verkregen door de eenprocentsregeling.

 

Foto: Afscheid van de heer A.D. van Eck, hoofd van de bouwkundige afdeling Rijksdienst IJsselmeerpolders. 1-12-1964.