Het stads-DNA van Emmeloord op de kaart en in beelden

 

1. De groene mantel


De groene mantel is de multifunctionele brede groenzoom, die de polderstad aan drie zijden omsluit. De groene mantel omvat paden, sportvelden, een begraafplaats, volkstuinen etc.
De groene mantel omvat minimaal een robuuste groenstrook van bomen van de eerste grootte (afmeting bomen, in dit geval de grootste maat bomen), met gras en/of onderbegroeiing en een voetpad. Ze wordt vaak begrenst door sloten. Afhankelijk van de maat en schaal van de bebouwing en achterliggende stedelijke structuur is de groene mantel breder of smaller (een stadsmantel is bijvoorbeeld breder en omvat meer functies dan een dorpsmantel. Afhankelijk van de functies, die in de groene mantel zijn opgenomen zal de groene mantel ook van maat verschillen). Alle tien polderdorpen en de polderstad kennen een groene mantel.
In tegenstelling tot de polderdorpen heeft Emmeloord geen groene mantel aan de zuidzijde van de stad. Hier had de stad een gebouwd front gericht op de polder en bedrijventerreinen. Deze bedrijventerreinen zijn uitgebreid tot aan de nieuwe rijksweg.

 

DNA Emmeloord-1 Groene mantel
De groene mantel van Emmeloord

 

 

2. De groene polderstraat
In het oorspronkelijke ontwerp zijn bijna alle straten groen. Emmeloord kent nog vele ‘groene polderstraten’. Kenmerkend zijn de ruime straatprofielen met groene bermen. Het geeft Emmeloord een parkachtig karakter. De groene straten, singels en groene mantel maken de polderstad tot een groene oase in de open polder.

02 de groene polderstraat 2
De Plevierenstraat

 

3. De groene poldersingel
Er zijn drie brede groene poldersingels langs de hoofdwegen en wijkontsluitingswegen vanuit het noorden. Ook ligt er een groene singel langs de singelgracht. Deze poldersingels bieden structuur aan de stadskern, dragen bij aan de oriëntatie in de stad en geven het onderscheid aan tussen de verschillende wijken. Emmeloord ontleent mede aan deze groene singels haar groene parkachtige karakter.

07 de groene poldersingel Sportlaan
Sportlaan

 

4. Groene en openbare oevers
Emmeloord is ontworpen als een stad met groene en openbare oevers langs de drie vaarten. De Urkervaart – Zwolse Vaart, Lemstervaart en Espelervaart omvatten brede luwe oevers met paden. Het oorspronkelijke stadsfront aan de Zwolse Vaart heeft niet meer het zicht op de open polder, maar is nog altijd groen en openbaar. Er zijn aanlegplaatsen en er is veel ruimte voor wandelaars.

1 waterfront groene openbare oevers nls305 waterfront groene en openbare oevers
De Lemstervaart De Urkervaart

 

5. Stadsbrink, wijkbrink, brugbrink en buurtbrink
De Polderstad heeft net als de dorpen brinken. Deze zijn in maat en schaal vertaald naar het schaalniveau van de stad. De ‘stadsbrink’ wordt De Deel genoemd. Hier staat de poldertoren, het architectonische hoogtepunt van de polder, waarmee het brandpunt van de stad extra wordt benadrukt.
Op en aan de stadsbrink bevinden zich het busstation, voorzieningen, het theater en het winkelcentrum. Bij de ontwikkeling van Emmeloord werd begonnen met de aanleg van de stadsbrink en het stadscentrum.
De benodigde voorzieningen waren hierdoor vanaf het begin aanwezig. In het oorspronkelijke ontwerp is de stadsbrink een royaal open plein met aan de zuidzijde een brede groensingel en aan de noordzijde gebouwen in het groen.
Emmeloord heeft niet alleen een stadsbrink, maar ook brugbrinken, wijkbrinken en buurtbrinken. Ook deze pleinachtige ruimtes zijn groen en worden minimaal aan drie zijden omsloten door bebouwing. Vaak liggen er publieke gebouwen of maatschappelijke voorzieningen aan de brink.

stadsbrink De Deel wijkbrink Plein Almere
Stadsbrink De Deel Wijkbrink plein Almere
3 buurtbrink nls3brugbrink Kettingstr gem. Emmeloord
Buurtbrink Botterstraat Brugbrink Nagelerstraat

 

6. Het stadskruis en het polderkruis
De kruisende wegen van het polderkruis (groen) verbinden de centraal gelegen polderstad met de polder en het oude land. Het ‘stadskruis’ (geel) markeert het brandpunt van de polder en de stad. De stadsbrink met poldertoren benadrukken dit brandpunt.
Belangrijke functies liggen aan de stadsbrink en het stadskruis.

het stadskruis en het polderkruis
Stadskruis en polderkruis

 

7. Wonen noord-zuid, centrum oost-west
Het oorspronkelijke plangebied kent twee hoofdrichtingen.
De woongebieden zijn noord-zuid georiënteerd. Het centrumgebied is oost-west georiënteerd. Dit is goed te zien op de maquette van het oorspronkelijke plan en is nog altijd zichtbaar in de stad. Het verschil in richting tussen het centrum en het wonen was oorspronkelijk bedoeld om de oriëntatie te vergemakkelijken en het onderscheid tussen de woongebieden, werkgebieden en het centrum te vergroten.
Dit principe werkt ook nu nog door.Het centrum van Emmeloord is niet alleen het voorzieningencentrum van de stad, maar ook van de Noordoostpolder. Het centrumgebied had en heeft een regionale functie als regionaal winkel- en uitgaanscentrum. De Lange Nering, de centrale winkelstraat is de enige straat in het oorspronkelijke plangebied van Emmeloord met een kromming. Dit was oorspronkelijk bedoeld om extra herkenbaarheid, maar ook om geborgenheid te creëren ten opzichte van de polder en de stad. In de nieuwe plannen voor het centrum bouwt men hierop voort.
De Lange Nering is zo ontworpen, dat de logistiek op eenvoudige wijze kan plaatsvinden via achterstraten. Er is ruimte gehouden aan de oostzijde van de Lange Nering, opdat het centrum kan blijven groeien. Voorzieningen en publieke gebouwen liggen geclusterd in het centrum en op markante plekken. Ondertussen zijn de woongebieden aan de randen van het oorspronkelijke plangebied ook oost-west georiënteerd, waarmee ze de overgang naar het landschap, het water of het Emmelerbos benadrukken. Dit versterkt het verschil tussen de stedelijke woon-gebieden en de woongebieden met een landschappelijke ligging of oriëntatie.
De hoofdrichtingen in de stadsplattegrond bepalen samen met het stadskruis, de vaarten en de groenstructuur de stedenbouwkundige hoofdstructuur van de stadskern Emmeloord.

wonen noord-zuid, centrum oost-west
Centrum oost-west (oranje), Wonen noord-zuid (rood), randen oost-west (oranje)
nls3o-w richting centrum in maquette nls3kromming in de Lange Nering
Oost-west richting centrumgebied in maquette oorspronkelijke plan Kromming in Lange Nering

 

8. Van Delfts Rood tot Delfts Wit
Emmeloord kent, zoals de hele polder, diep rode Delftse School-architectuur, zuiver modernistische architectuur en vele tussenvormen hiervan. De meeste woningen, wanden van winkelstraten en de kerken zijn vormgegeven in de stijl van de Delftse School. Deze bebouwing vormt straat- en pleinwanden.
Modernistische architectuur is te vinden bij scholen, verzorgingstehuizen en het ziekenhuis. Het betreft vaak autonome, alzijdige gebouwen in een groene ruimte.
Een bijzondere plek, waar modernisme tegenover traditionalisme is geplaatst, is de Sportlaan. Hier staan modernistische bungalows tegenover traditionele en aaneengesloten rijen met gezinswoningen.

07 de groene poldersingel Sportlaan
Sportlaan

 

9. Publieke gebouwen in clusters en op markante plekken
Emmeloord heeft drie hoofdkerken: de Nederlands Hervormde kerk De Hoeksteen (bouwjaar 1952), de Rooms-Katholieke St. Michaëlskerk (bouwjaar 1956) en de Gereformeerde De Nieuw Jeruzalemkerk (bouwjaar 1954-1955). De kerken bevinden zich op hoekpunten van een brink of aan een belangrijk kruispunt in de stad. De kerken beëindigen lange zichtlijnen de stad in vanaf de belangrijkste invalswegen. Scholen staan in clusters (gegroepeerd in elkaar nabijheid) en in de buurten.
In het oorspronkelijke plan, maar ook in de nieuwere wijken van Emmeloord, staan de publieke gebouwen en maatschappelijke voorzieningen in clusters in het groen. Vaak langs belangrijke invalswegen, maar ook aan de entrees van de stad en de wijken. Enkele van deze clusters omvatten beeldbepalende gebouwen. Aan deze en andere groene ontmoetingsplekken dankt Emmeloord haar groene imago.

nls3Marknesserweg de Golfslag nls3bijz geb flat alleenstaande vrouwen aan de espelerlaan 1954
Marknesserweg met de Golfslag Bijzonder gebouw op een markante plek aan de Espelerlaan, woningen voor alleenstaande vrouwen, 1954 (bron: Mercatus)

 

10. Stadspoorten
Emmeloord heeft in het oorspronkelijk plan vier hoofdentrees die elkaar raken midden in de stad, rond De Deel. We noemen deze vier hoofdroutes samen het stadskruis (zie kaart in deze paragraaf bij ‘6. Het stadskruis en het polderkruis’ in dit hoofdstuk). De noordelijke entree van het stadskruis is met veel groen ontworpen en loopt door het stadsbos (groene ovaal). De overige drie entrees komen over het water de stadskern binnen Daar waar de entreeroutes de vaarten kruisen liggen de ‘stadspoorten’ (cirkels). Oorspronkelijk lag hier de overgang tussen landschap en stad. De stadspoorten zijn belangrijke plekken. Hier heb je namelijk als passant ruim zicht over het water, waarbij op markante plaatsen het zicht over het water, de openbare oevers en het polderlandschap overeind is gebleven. Daarnaast zijn vaak de poldertoren en/of een van de drie hoofdkerken of bijzondere gebouwen zichtbaar. Hierdoor is de identiteit van de Polderstad sterk beleefbaar.
Oorspronkelijke kwaliteiten van deze entrees en de stadspoorten zijn:

  • Geleidelijke binnenkomst vanuit het landschap, via een plein of groene ruimte naar het centrum (‘groen voorportaal’).
  • Bij de blauwe stadspoorten een ‘brugmoment’.
  • Gebouwen met een bijzondere functie in het groen of aan een pleinachtige ruimte (‘stadsportaal’).
  • Zicht op de Poldertoren en/of één van de centrumkerken of andere bijzondere gebouwen in de stad.
  • Bebouwing heeft meer afstand van de weg; het straatprofiel is breder.

 

nls5stadspoorten
Drie blauwe stadspoorten
stadspoort oost stadspoort west - zicht op de poldertoren stadspoort west stadspoort zuid - zicht op de poldertoren en een centrumkerk stadspoort zuid
Stadspoort oost, zicht op de poldertoren en de Golfslag Stadspoort west, zicht op de poldertoren Stadspoort zuid, zicht op de poldertoren en een centrumkerk

 

11. Bedrijven aan de rand en aan het water
De bedrijventerreinen van Emmeloord liggen aan de rand van de stadskern en aan de rand van de stad. De bedrijventerreinen van de eerste generatie liggen aan de rand van de stadskern in verbinding met het water van de Urkervaart en Zwolse Vaart (aan een loswal of met insteekhavens). Deze ligging vloeit voort uit het oorspronkelijke ontwerp, waar de vaarten een belangrijke rol speelden als hoofdinfrastructuur. Later ontwikkelde de stad nieuwe bedrijventerreinen langs belangrijke hoofdwegen (bijvoorbeeld de Nagelerweg).
De rijksweg A6 is een belangrijke nieuwe hoofdontsluiting, waarlangs de nieuwste bedrijventerreinen zijn ontwikkeld. Hier vormt de brede groene voorgrond voor bedrijventerrein De Munt als het ware een diepe ‘voortuin’, die –net als bij woningen met een diepe voortuin- het terrein en de stad allure geeft aan de snelweg.

nls5bedrijven aan het water langs de Urkervaart
Bedrijventerrein eerste generatie langs de Urkervaart
nls5bedrijven aan de rand langs de A6
Bedrijventerrein De Munt langs de A6 met groene voorgrond

 

12. Lange straten, lange blokken
Het oorspronkelijke plan voor Emmeloord bestaat uit lange en rechte lijnen, passend bij het karakter van de polder. Deze lange lijnen zijn terug te vinden in de lange woonstraten, met lange bouwblokken van aaneengeschakelde woningen. Langs de invalswegen is vaak de groenstructuur bepalend, hier zijn ook wanden gevormd door vrijstaande of kleine aantallen geschakelde woningen. De enige plek in Emmeloord waar de rechte onderlegger van de polder niet voelbaar is, is de Lange Nering; hier geeft een vloeiend verloop geborgenheid. Zo wordt de winkelfunctie verbijzonderd.

lange blokken Wenmakerstraat nls5lange straat MArknesserweg
Wenmaekersstraat Lange Dreef

 

13. Bijzondere hoeken
Veel hoeken kennen een verbijzondering. Dit geldt voor hoeken van hoofdstraten, maar ook voor hoeken van bescheiden woonstraten.
Lange blokken hebben op belangrijke plekken een bijzondere beëindiging. De kap is hoger, de kopgevel krijgt meer aandacht of er is een bijzonder metselverband toegepast. Soms is een eindblokje een kwart slag gedraaid of de kap verhoogd. De hoeken van bouwblokken worden gebruikt om bijzondere accenten aan te brengen, maar soms ook om bijzondere functies te huisvesten. Dit was in het oorspronkelijk plan een kerk, een postkantoor of bijvoorbeeld een winkel. Deze gebouwen zijn vaak met extra aandacht voor de architectuur uitgewerkt en geven nog altijd structuur aan straat en stad.

nls3bijzondere hoeken
Hoek Koningin Julianastraat – Boslaan

 

14. Vizier naar het landschap
De stad had in het oorspronkelijke plan op meerdere plekken uitzicht op het open polderlandschap. Rond de oorspronkelijke kern is de stad doorgegroeid, en ook in de nieuwe uitleg zijn er plekken in de openbare ruimte die zicht bieden op het omringende landschap.
Locaties met een uniek vizier. Deze poldervizieren maken -naast de vele andere polderkenmerken- de stad tot de Noordoostpolderstad.

4 Vizier Panorama DSC0289-90
Uitzicht vanaf de Marsstraat – Pallasstraat in Revelsant

 

15. Zicht op de poldertoren
De centrale ligging van Emmeloord in de Noordoostpolder wordt geaccentueerd door de poldertoren midden in de polderstad. Deze voormalige watertoren staat in het geografische middelpunt van de polder.

nls3Bumalaan
Bumalaan 
nls3Espelerlaan
Espelerlaan

 

NOE poldertoren stadsnivo
De betekenis van de poldertoren in het oorspronkelijke plan en nu:
Over de hedendaagse kaart is in rood het oorspronkelijke plan gestippeld. De blauwe pijlen op de plattegrond tonen het zicht op de poldertoren van grotere afstand. Hier is de toren een oriëntatie-punt in het silhouet van de stad. Pas bij het entreemoment – de knik in de weg – komt de toren daadwerkelijk in de as te staan (zwarte pijl)

 

Zicht op de Poldertoren komend vanuit het westen:
Oorspronkelijk was er op grotere afstand zicht op de poldertoren. Door de uitbreidingen aan de noordzijde van de Urkerweg is dit zicht belemmerd. Bovendien is door het ongelijkvloers maken van de kruising  met de Hannie Schaftweg en de niet geplande begroeiing ter plaatse het zicht op de poldertoren ook hier niet meer mogelijk.

 

Zicht op de poldertoren komend vanuit het noorden:
Vanaf grote afstand staat de toren in de as van de weg, enkel bij de entree een moment niet.
Hier is de situatie nog grotendeels gelijk gebleven; vanaf de Espelerlaan rijdt men recht op de poldertoren af.

 

Zicht op de poldertoren komend vanuit het oosten:
Oorspronkelijk was er op grotere afstand zicht op de toren. Door de aanleg van de snelweg verminderde de betekenis van deze entree. Bovendien belemmert de ongelijkvloerse kruising hier het zicht. Daarnaast valt op dat de inrichting van de weg met onder andere rotondes en veel verkeersborden het zicht op de poldertoren blokkeert.

 

Zicht op de poldertoren komend vanuit de overige invalswegen:
Vanuit de overige richtingen speelt de toren een rol in het silhouet, maar er is geen moment waarop de toren in de as van de route komt te staan.

5 6
Belemmering van het zicht op de poldertoren komend vanuit het westen Het zicht op de poldertoren, komend vanuit het noorden